Rendang West-Sumatraanse stijl
Echte rendang is geen curry maar een stoofgerecht dat langzaam indroogt. Je begint met veel vocht en kokosmelk, en gedurende vier uur verdampt alles tot het vlees donkerbruin gekleurd is en bedekt met een dikke, bijna droge specerijenlaag. In West-Sumatra wordt rendang traditioneel voor feesten gemaakt omdat hij dagen houdbaar is. De bumbu (specerijenpasta) maak je vers, want daar zit de smaak. Dit gerecht kost tijd, en je wordt beloond met smaakdiepte waar geen kant-en-klaar tegenop kan.
- 8 sjalotten
- 6 teentjes knoflook
- 5 cm verse gember
- 5 cm verse laos (galangal, of extra gember)
- 3 cm verse kurkuma (of 1 tl poeder)
- 4 rode pepers (zonder zaad voor milder)
- 2 stengels citroengras (alleen wit gedeelte)
1 Maak alles schoon en snijd grof. Doe in een keukenmachine of hoge beker en maal tot een gladde pasta. Voeg eventueel 2 el water toe om te helpen malen.
- 3 el kokosolie (of zonnebloemolie)
2 Verhit eerst de pan. Verhit daarna de olie in de braadpan op middelhoog vuur. Bak de bumbu 8 à 10 minuten: de pasta gaart door, verliest zijn rauwe scherpte en de olie komt los aan de randen. Dit noemen ze in Indonesië pecah minyak: olie breekt door.
- 2 kaneelstokjes
- 4 kruidnagels
- 4 kardemompeulen
- 1 tl korianderpoeder
- 1 tl komijnpoeder
- 8 verse limoenblaadjes (of gedroogd)
3 Voeg alle specerijen toe en bak 2 minuten mee.
- 1 kg runderstoofvlees (sukadelappen) in blokken van 4 cm
4 Voeg het vlees toe en roer tot elk stuk bedekt is met de pasta. Bak 5 minuten mee.
- 800 ml kokosmelk (2 blikken)
- 1 tl zout
- 2 el palmsuiker (of bruine basterdsuiker)
5
Schenk de kokosmelk erbij, voeg zout en suiker toe en breng aan de kook. Zet het vuur laag.
Fase 1 (ongeveer 2 uur): laat zachtjes pruttelen zonder deksel. Roer elke 15 minuten. Het vlees wordt gaar en de saus reduceert tot een dikke curry.
Fase 2 (ongeveer 1,5 uur): de kokosmelk begint te splitsen en kleurt bruin. Nu moet je vaker roeren, elke 5 à 10 minuten, om aanbranden te voorkomen. Het vocht verdampt verder.
Fase 3 (laatste 30 minuten): de saus is nu een donkere, olieachtige coating die aan het vlees blijft plakken. Roer continu de laatste 10 minuten. Je weet dat hij klaar is als het vlees diep donkerbruin is en de olie helder aan de randen staat.
Proef en breng op smaak met extra zout. Laat minstens 30 minuten rusten voor serveren, liever een paar uur. Serveer met witte rijst, gele rijst of ketan (kleefrijst) en atjar tjampoer.
Ingrediënten
Stap 1
- 8 sjalotten
- 6 teentjes knoflook
- 5 cm verse gember
- 5 cm verse laos (galangal, of extra gember)
- 3 cm verse kurkuma (of 1 tl poeder)
- 4 rode pepers (zonder zaad voor milder)
- 2 stengels citroengras (alleen wit gedeelte)
Stap 2
- 3 el kokosolie (of zonnebloemolie)
Stap 3
- 2 kaneelstokjes
- 4 kruidnagels
- 4 kardemompeulen
- 1 tl korianderpoeder
- 1 tl komijnpoeder
- 8 verse limoenblaadjes (of gedroogd)
Stap 4
- 1 kg runderstoofvlees (sukadelappen) in blokken van 4 cm
Stap 5
- 800 ml kokosmelk (2 blikken)
- 1 tl zout
- 2 el palmsuiker (of bruine basterdsuiker)
Bereiding
- 1 Maak alles schoon en snijd grof. Doe in een keukenmachine of hoge beker en maal tot een gladde pasta. Voeg eventueel 2 el water toe om te helpen malen.
- 2 Verhit eerst de pan. Verhit daarna de olie in de braadpan op middelhoog vuur. Bak de bumbu 8 à 10 minuten: de pasta gaart door, verliest zijn rauwe scherpte en de olie komt los aan de randen. Dit noemen ze in Indonesië pecah minyak: olie breekt door.
- 3 Voeg alle specerijen toe en bak 2 minuten mee.
- 4 Voeg het vlees toe en roer tot elk stuk bedekt is met de pasta. Bak 5 minuten mee.
-
5
Schenk de kokosmelk erbij, voeg zout en suiker toe en breng aan de kook. Zet het vuur laag.
Fase 1 (ongeveer 2 uur): laat zachtjes pruttelen zonder deksel. Roer elke 15 minuten. Het vlees wordt gaar en de saus reduceert tot een dikke curry.
Fase 2 (ongeveer 1,5 uur): de kokosmelk begint te splitsen en kleurt bruin. Nu moet je vaker roeren, elke 5 à 10 minuten, om aanbranden te voorkomen. Het vocht verdampt verder.
Fase 3 (laatste 30 minuten): de saus is nu een donkere, olieachtige coating die aan het vlees blijft plakken. Roer continu de laatste 10 minuten. Je weet dat hij klaar is als het vlees diep donkerbruin is en de olie helder aan de randen staat.
Proef en breng op smaak met extra zout. Laat minstens 30 minuten rusten voor serveren, liever een paar uur. Serveer met witte rijst, gele rijst of ketan (kleefrijst) en atjar tjampoer.
